Vurig raspaard

(Jan Fabre, kruisdragen)

Als ik het hieronder staande gedicht van Jan Fabre (°1958) lees, dan krijg ik het beeld voor ogen van een vurig raspaard dat zich zomaar niet laat temmen.  Het zegt de lezer heel direct de wacht aan. Intens leven tot op de bodem, zonder compromis, daartoe wil hij ons uitdagen  Het leven is zoeken naar het onzegbare.  En als hij daarbij de toeschouwer/luisteraar  een klets tegen zijn oren geeft, so be it. Zo lees ik althans het gedicht.

Jan Fabre: toneelauteur, toneelregisseur, beeldhouwer, schrijver en wat nog?  Multidisciplinair kunstenaar in alle geval.  Internationaal erkend.  Grote prestaties, soms erg controversieel.  Het zit allemaal in hem.  In de Antwerpse kathedraal bv. staat van hem het beeld van de man die het kruis draagt. 

https://static.standaard.be/Assets/Images_Upload/2015/10/20/b9845dde-774a-11e5-9310-06651670fae0_original.jpg?maxwidth=992

Nu moet ik zeggen dat beeld mij in het begin ten zeerste ergerde.  Immers:  Een echt kruis is niet zo vederlicht dat je het  probleemloos op één hand kunt dragen.  Voor mij was dat de negatie van de realiteit van het kruis.  Was dat misschien de (latente) bedoeling?  Of was het misschien de bedoeling dat we ons daarover zouden ergeren?  Nu begin ik mij af te vragen of Fabre hier misschien wil zeggen dat het kruis dat hij met zijn kunstwerken brengt, een ‘makkie’ is in vergelijking met de realiteit van het kruis?  Dan zou ook al kunnen.  En straks wijst iemand mij misschien op nog een andere boeiende lezing van het kunstwerk.  Echte kunstwerken doen allerlei verborgen betekenissen en interpretaties uitwaaieren in alle richtingen. En dat blijkt hier toch het geval te zijn.  Dus: toch wel erg geslaagd als kunstwerk.

Terug naar zijn gedicht, dat ik wel heel sterk vind.  Hier gaan we:


Ik zal niet opgeven
laag voor laag
de schillen van mijn ziel te pellen
tot er alleen een bolvormige verkalking
van één gedachte overblijft
 
Ik ben de witte indiaan
die vastgebonden is aan zijn totem
op de brandstapel
en tegelijk
als een vrolijke heks
rond het vuur danst
Ik ben vervloekt
gedoemd om in leven te blijven
Ik verbrand antwoorden
zn vlammen formuleren vragen
in het teken van de ware magie
Ik spuw ervaringen
via helse razernijen
die mensen storen en schrik aanjagen
Mijn tong en taal zijn openstaande poorten
van zwavel
Een vleselijke en galmende wind
zuigt mensen mee naar binnen
en brengt ze daar waar ze nooit
uit zichzelf waren heengegaan
Naar een duisternis die uitmondt
in de hemel en de hel van de werkelijkheid
Naar een bezwering die uitmondt
in de anarchie van de natuur
Naar een dienstbaarheid
die uitmondt in een steen die leeft
omdat die gehouwen is zoals het hoort

Tot morgen
Frans

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *